Jongeren in gesprek met politie

Word je als minderjarige verdacht van een eerste delict, dan krijg je in Overijssel en Gelderland geen straf, maar een ‘stevig gesprek’. De politie in Twente experimenteerde vorig jaar succesvol met deze aanpak: van de 120 twaalf- tot achttienjarigen die in Twente zo’n gesprek kregen, kwam er tot nu toe geen één terug op het politiebureau. Aziz Akhath, werkzaam in een jeugdgevangenis, is gematigd positief over de aanpak. ‘Voor lichte vergrijpen zou een stevig gesprek wel kunnen helpen.’

Aziz Akhath werkt al bijna tien jaar in een jeugdgevangenis en is sinds drie jaar zelfstandig buddy-coach. Hij is gematigd positief over de nieuwe aanpak van de politie. ‘Of zij denken dat zo’n stevig gesprek werkt, vroeg ik een paar jongens op de afdeling hier. Jongeren met een lichtverstandelijke beperking die een paar jaar moeten zitten omdat ze een strafbaar feit hebben gepleegd. Ze lachten. “Ten eerste”, zei een van hen, “praat ik niet met de politie, want dan ben ik een snitch.” “Eens een crimineel altijd een crimineel,” zei een ander die al een paar jaar opgesloten zit. “Dat heb je fout”, gaf ik ze terug. “Je kunt veranderen”.’

Geen geloof in gevangenschap

‘Voor lichte vergrijpen zou een stevig gesprek wel kunnen helpen, vond een aantal van de jongens. En daar ben ik ook van overtuigd. Na bijna tien jaar werkzaam in de jeugdgevangenis geloof ik niet meer in een gevangenisstraf voor minderjarigen. Dat werkt juist vaak averechts.’

Kapot

‘Soms, bij zware delicten, is opsluiten en straffen goed, maar voor kleine strafdelicten, nee. Daar geloof ik niet meer in. Over het algemeen komen jongeren de gevangenis slechter uit dan dat ze binnenkomen. Binnen versterken ze elkaar. Jongens van veertien die voor het eerst zitten, komen hier in aanraking met jongens van achttien. Ze worden matties. School, bijbaantje en sport vallen weg. Ik heb er zoveel kapot zien gaan als ze vrijkomen.’

Buddy-coach

‘Vorige week werd ik gebeld door een wijkagent. Er was aangifte gedaan vanwege een bedreiging. Een zeventienjarige jongen was de verdachte. De agent belde mij omdat ik al achttien maanden buddy-coach ben van de jongen. We spraken af dat ik met hem naar het bureau zou komen.’

Zijn kant van het verhaal

‘In eerste instantie wilde de jongen niet mee naar het bureau. No way! Ik vroeg hem waarom hij het gesprek niet aanging, of hij niet zijn kant van het verhaal wilde vertellen. Gespannen reed hij met mij mee. Ik moest een straat verderop parkeren en voor hem uit naar het bureau lopen, hij liep met capuchon over zijn hoofd achter mij aan en sneakte snel naar binnen. Zelf had hij nog nooit vastgezeten, maar zijn oudere broer wel.’

Interesse

‘In de spreekkamer gaf de agent ons een hand en ging tegenover ons aan tafel zitten. Hij noemde de jongen bij zijn naam, noemde hem talentvol, een topvoetballer met veel kansen. En hij sprak over wat bekende voetballers die het in hun jeugd moeilijk hadden. Was de agent direct autoritair over de situatie begonnen, dan was de straatcultuur naar boven gekomen en had de jongen sowieso “zwijgrecht” geroepen. Maar hij pakte het tactisch aan, hij nam de tijd en toonde interesse.’

Eerdere aanvaring

‘De agent besprak vervolgens de aangifte met de jongen en hij kwam terug op een eerdere aanvaring waarbij hij de jongen om zijn legitimatie had gevraagd. “Als je rustig was gebleven, was er niets aan de hand geweest”.’

Politiek correct

Eerst friemelde de jongen met zijn vingers en gaf hij korte, politiek-correcte antwoorden. Ik herhaalde delen uit het gesprek, noemde positieve dingen waaraan hij de afgelopen maanden heeft gewerkt en zei: “we hebben het al besproken, je hebt niets voor mij verborgen en bent altijd eerlijk”. Zo vertelde hij beetje bij beetje zijn kant van het verhaal.

Jij bepaalt

‘“Je hebt zo veel talent”, zei de agent uiteindelijk. “Jij bepaalt of je meedoet. Als je de volgende keer wordt uitgedaagd, ga dan niet mee, loop weg. We houden je in de gaten. Dus wil je langere tijd weg, ga ermee door. En weet je, echte topcriminelen werken altijd mee, die vallen niet op. Vertoon je bijdehand gedrag, dan val je door de mand.”’

Opbrengst van het gesprek

‘Na het gesprek gaf de agent de jongen weer een hand. De jongen voelde zich gehoord en ging naar huis met nuttige tips. De agent kreeg van de jongen een aanvulling op het verhaal. En ik had weer nieuwe doelen om als buddy-coach met de jongen aan te werken. Toen ik de jongen had afgezet, informeerde ik zijn vader. Hij beheerst de Nederlandse taal niet goed, maar ik houd hem overal van op de hoogte. Overigens: hadden de ouders ook bij het gesprek gezeten, dan had de jongen al helemaal niet gepraat.’

Mogelijkheden

‘Wat dit gesprek succesvol maakte, waren de gesprekstechnieken van de agent. Hij toonde interesse, nam de tijd en sprak vooral over mogelijkheden en praktische tips. En wat ook hielp, was dat ik erbij was.’

Bron: https://zorgenwelzijn.nl